Integriteit en filosofie deel 3: wat is de moeite waard?

Galileo 2

De serie integriteit en filosofie gaat verder. Ben je er klaar voor? Dan gaan we in deel 3 aan de slag met de Amerikaanse filosofe Cheshire Calhoun. Calhoun deed ook een duit in het zakje van de discussie over integriteit.

Weg met Williams en Frankfurt
Calhoun veegt de vloer aan met de twee filosofen die haar voorgingen in deze blogserie: Williams en Frankfurt. Volgens Calhoun slagen zij er niet in om uit te leggen wat integriteit betekent. Williams en Frankfurt beschrijven integriteit als iets wat gaat over de relatie die een individu met zichzelf heeft. Weet je nog? Williams koppelde integriteit aan identiteit. Je moet een eigen persoon zijn met eigen projecten. Frankfurt had het over integriteit als voorwaarde voor de vrije wil. Calhoun stelt dat dat zij het bij het verkeerde eind hebben. Integriteit gaat over iets heel anders. Het gaat helemaal niet over de relatie met jezelf, maar juist over de relatie met anderen. Volgens Calhoun moeten we naar integriteit kijken als een sociale deugd (en niet een persoonlijke). Want integriteit gaat over hoe we onszelf tussen anderen positioneren. We moeten integriteit dus uitleggen aan de hand van die relatie met anderen.

Ergens voor staan
Hoe dan? Calhoun stelt dat integriteit gaat over ‘ergens voor staan’. Maar niet zomaar ergens voor staan. Houd je vast. Het gaat om staan voor jouw eigen beste oordeel over wat het goede is – niet alleen voor jouzelf, maar voor de gemeenschap waarvan je een onderdeel bent. Iedereen in de gemeenschap probeert uit te vogelen wat goed is om te doen. De integere persoon ziet zichzelf als onderdeel van die gemeenschap. Zij vindt die waarden belangrijk, die bijdragen aan het goede leven voor de hele gemeenschap.

Als jij je afvraagt ‘wat het goede is om te doen’, kan je alleen antwoord geven vanuit jouw eigen individuele standpunt. Jouw antwoord heeft dus een beetje een individueel karakter. Ook al houd je de gemeenschap in jouw achterhoofd. Jouw antwoord zou zelfs verkeerd kunnen zijn. Maar toch. De enige manier om de vraag te beantwoorden, is vanuit dat individuele standpunt. En dit geldt natuurlijk voor iedereen. Dus dat eigen standpunt, wordt ineens toch best belangrijk. De integere persoon is zich bewust van haar individuele standpunt. En bewust van haar eigen rol in de uitvogelende gemeenschap. De integere persoon neemt voldoende in acht wat andere personen zouden denken. Zij staat dus open voor kritiek van anderen op haar standpunt. Zij kiest soms ook voor een compromis. Dus koppigheid is niet oké? Dat klopt. Voor arrogantie, koppigheid en fanatisme, is geen plaats in de visie op integriteit van Calhoun.

Het gaat dus om staan voor jouw beste oordeel over wat het goede is. Over wat de moeite waard is. Niet onkritisch, maar met gepast respect voor de oordelen van anderen.

Had Galileo Galilei gepast respect?
De crux zit hem natuurlijk in ‘gepast’. We snappen het wel, ergens. Maar eigenlijk verhult dit woordje natuurlijk waar nou precies die grens ligt. Wanneer ga je te ver in jouw oordeel? En wanneer heb je nog genoeg respect voor de oordelen van anderen? Galilei blééf bijvoorbeeld volhouden dat de aarde om de zon draait. De wereld was nog niet klaar voor dit idee. Het strookte niet met wat er in de Bijbel stond. De consequentie was levenslang huisarrest. Toen Galilei dat hoorde, riep hij: “En toch beweegt zij!” (de aarde om de zon). Achteraf kunnen we concluderen dat hij gelijk had. En dat hij dus gepast respect had. Hij respecteerde alleen het oordeel van de onnozelen niet. Of was hij gewoon erg koppig?

De filosoof Scherkoske helpt Calhoun een handje. Scherkoske vindt dat Calhoun in de goede richting zit, maar net niet raak schiet. Volgens Scherkoske is integriteit namelijk een epistemologische deugd. Pardon? Het woord epistemologie stamt uit het Grieks: epistèmè: kennis, en logos: leer. De leer van kennis. Kennisleer. Het gaat daarbij om vragen als: wat is waarheid, wat kan ik weten? Scherkoske stelt, heel kort gezegd, dat je best koppig mag zijn, zolang het waar is wat je zegt. Dit impliceert wel het volgende. De integere persoon moet zich ervan verzekeren dat haar oordelen verdedigbaar, beargumenteerd en naar haar beste benadering correct zijn. Galilei had gelijk, de aarde beweegt om de zon. Dus dat rechtvaardigt het feit dat hij zo ver ging in zijn ‘ergens voor staan’.

Twee dingen om te onthouden
Terug naar Calhoun. Twee dingen zijn nodig. Ten eerste: we denken na over wat de moeite waard is – wat goed is – voor onszelf en voor de gemeenschap. En ten tweede: we zijn ons bewust van de individualiteit van onze eigen oordelen. De twijfels en meningen van anderen hierover, nemen we serieus. Maar, we zijn ook niet té toegeeflijk. We staan immers ergens voor.

Dus… zeg het maar: wat is volgens jou de moeite waard?

Volgende keer in deze serie: integriteit volgens de filosoof Christine Korsgaard.

Meer weten? Neem gerust contact op:

Naam: Myrthe Lenselink
Functie: Adviseur/Onderzoeker
Myrthe Lenselink

1 Reactie

  • anne-marie van doorn

    goed verhaal en duidelijk te volgen, ik ga erover nadenken.
    wat betekent dit voor mij bij de dilemma’s waarmee ik moet dealen.
    dank dus

Laat een reactie achter