De verborgen camera: zorg dat uw personeel het kan weten

Bekende misdaadjournalisten als Peter R. de Vries werken er regelmatig mee om oplichters te ontmaskeren of misstanden aan de kaak te stellen: een verborgen camera. Maar hoe zit dat als u als ondernemer een verborgen camera wilt ophangen om de medewerker te betrappen die bij u een greep in de kassa doet; mag u dat zomaar doen?

Nee, dat mag u niet zomaar doen. Je zou haast zeggen helaas. Want eigenlijk is het de omgekeerde wereld dat iemand kennelijk wel ongestoord zijn of haar gang kan gaan en een kassa leeg kan halen, maar dat u niet zomaar een verborgen camera in uw eigen bedrijf mag ophangen om deze voortdurende diefstallen te beëindigen en de dader te betrappen c.q. te ontmaskeren. Als u dit desondanks toch doet, kunt u er zelfs strafrechtelijk voor worden vervolgd.

Gelukkig biedt de wet mogelijkheden om het onder bepaalde voorwaarden wel te doen. De belangrijkste voorwaarde is dat uw personeel moet kunnen weten dat er in bepaalde omstandigheden een verborgen camera kan worden ingezet om bedrijfscriminaliteit op te lossen: het zogeheten kenbaarheidsvereiste. Dit vereiste is gebaseerd op de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Dat wil niet zeggen dat u uw personeel moet inlichten dat u recentelijk een camera hebt opgehangen om degene te betrappen die regelmatig een greep uit de kassa doet. Op het moment dat u dat zou vertellen, verliest het middel immers zijn waarde. De kans is namelijk groot dat de dader dan voorlopig geen greep meer doet uit de kassa. Uit preventief oogpunt is dat uiteraard wenselijk, maar u wilt de dader niet laten wegkomen met de (financiële) schade die hij of zij u inmiddels heeft berokkend. Waar het om gaat, is dat uw personeel had kunnen weten dat u als werkgever bij verdenking van bedrijfscriminaliteit in bepaalde gevallen een verborgen camera kan gebruiken.

Op welke wijze moet u uw personeel inlichten en wanneer? Daar bestaan diverse mogelijkheden voor. Dat hangt overigens ook af van de grootte van uw organisatie. Als uw bedrijf namelijk een ondernemingsraad (OR) heeft, dan moet de OR worden geïnformeerd dat u in voorkomende gevallen gebruik wenst te maken van een verborgen camera en moet de OR hiermee instemmen. Tenminste, als u het middel vaker zou willen inzetten. Voor eenmalig gebruik is deze instemmingsplicht niet vereist.

Het kenbaar maken kan bijvoorbeeld door het vermelden in een arbeidscontract of in het personeelsreglement, dat u aan nieuwe medewerkers overhandigt op het moment dat zij in dienst treden. U kunt het ook vermelden op het intranet van uw bedrijf of op een prikbord in een ruimte waar alle medewerkers weleens komen. Waar het uiteindelijk om gaat, is dat uw personeel had kunnen weten dat u gebruik kunt maken van dit soort methodieken om bedrijfscriminaliteit aan te pakken.

Als u een winkel of een andere voor publiek toegankelijke ruimte heeft, adviseren wij tevens om op de voor- en achterdeur van uw pand een bordje (of sticker) te bevestigen met de tekst ‘hier vindt cameratoezicht plaats’. Naast eigen medewerkers, kunnen namelijk ook klanten of andere ‘bezoekers’ zich schuldig maken aan ongewenste gedragingen in uw pand. Ook voor deze ‘bezoekers’ geldt dat zij hadden moeten kunnen weten dat er in het pand in bepaalde situaties cameratoezicht kan plaatsvinden. Een dergelijk bord of een dergelijke sticker, dat/die u bij een bouwmarkt kunt kopen, volstaat daarvoor.

Naast het hiervoor besproken kenbaarheidsvereiste, gelden ook de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit bij de inzet van een verborgen camera. Dat wil onder meer zeggen dat u het middel niet onnodig lang mag inzetten, dat het de privacy van andere mensen (bijvoorbeeld klanten) niet onnodig aantast en dat er geen andere, lichtere, middelen zijn om de dader te kunnen betrappen. Daarnaast geldt dat een verborgen camera nooit mag worden opgehangen in ruimten waar mensen zich onbespied moeten kunnen voelen, zoals het toilet of het pashokje in een kledingwinkel.

Tot slot dit: wij horen nog weleens van ondernemers die ons inschakelen voor een bedrijfsrechercheonderzoek dat zij er moeite mee hebben om hun personeel in te lichten dat zij gebruik zouden kunnen maken van verborgen camera’s. Vaak hebben deze ondernemers nog niet te maken gehad met bedrijfscriminaliteit en vertrouwen zij hun medewerkers blindelings. Door te melden dat er in sommige gevallen gebruik kan worden gemaakt van verborgen camera’s, zijn deze ondernemers bang dat zij hiermee een gevoel van wantrouwen kweken. Naar onze mening is dat niet terecht. Juist voor deze werkgevers is het handig om in ‘goede tijden’ te communiceren dat er mogelijk dit soort instrumenten wordt ingezet. Want als de slechte tijden aanbreken en iemand maakt zich schuldig aan bedrijfscriminaliteit en er is niets gecommuniceerd, dan wordt het lastig om alsnog het middel van de verborgen camera in te zetten.

Meer weten? Neem gerust contact op:

Naam: Christiaan Kooman
Functie: Adviseur

1 Reactie

  • Hallo Christiaan,

    Wat een fijn en helder artikel.
    Dit is informatie die voor zoveel werkgevers en ondernemers belangrijk is, maar die niet zomaar duidelijk omschreven beschikbaar is. Je levert hiermee een waardevolle aanvulling voor deze mensen.

    Groeten,
    Cynthia Zwart
    Forensicon BV

Laat een reactie achter