RA, geen RA, RAAR?

Het voelde even raar, toen ik vorig jaar ineens geen RA meer was. Vorig jaar heb ik mij namelijk uit laten schrijven uit het register van accountants. Loop ik (als BING-directeur) of BING daarmee weg voor de verantwoordelijkheid voor de onderzoeken en rapporten van BING? Geenszins. Er liggen verschillende redenen aan ten grondslag, die ik hier graag uiteenzet. En ook zal ik laten zien dat BING nog steeds goed aanspreekbaar is op de kwaliteit van zijn werk. Overigens is het uitschrijven als RA niet uniek. Onlangs nog besloot de bekende registeraccountant Paul Koster zich uit te laten schrijven. VEB-directeur en voormalig toezichthouder Paul Koster geeft als reden op dat hij ‘volledig en volstrekt onafhankelijk’ wil zijn in zijn positie bij de beleggersvereniging.

Terug naar mij en naar BING. BING doet tientallen onderzoeken per jaar. En dat al tien jaar lang. Daar zitten veel gevoelige onderzoeken tussen. Het gaat immers in die onderzoeken geregeld over de integriteit van het handelen van personen of organisaties. Integriteit van het handelen? Ja, een incidentonderzoek gaat nooit over de vraag of een persoon integer is, maar over de vraag of zijn of haar handelen in een bepaalde casus integer was. De aard en gevoeligheid van het werk brengt mee dat een melder of een beklaagde soms ontevreden is over de uitkomsten van het onderzoek. Niet iedereen krijgt het antwoord dat hij of zij hoopt. Een enkeling kiest vervolgens de weg om via een juridische procedure het onderzoek en de uitkomsten daarvan aan te vechten. In de afgelopen tien jaar hebben enkelen via de civiele rechter (vaak in kort geding) het onderzoek of het rapport aangevochten. Tot op heden steeds zonder succes.

Dat geldt niet voor tuchtprocedures. In enkele zaken die hebben gelopen bij de Accountantskamer, is BING niet 100% schoon uit de procedure gekomen. Indien dat speelt, kijken we heel goed of we daar voor de toekomst lering uit kunnen trekken. Soms is dat het geval, maar vaak ook niet. Dat laatste heeft ermee te maken dat de Accountantskamer naar onze mening niet de geëigende arena is om uitspraken te doen over bijvoorbeeld een onderzoek naar seksuele intimidatie. Dat laat zich immers moeilijk kwalificeren als accountantswerk. Waarom is een onderzoek dat bekendstaat als ‘het onderzoek naar de Wassenaarse seksrel’, dan toch bij de Accountantskamer beland? Het antwoord is simpel, omdat er een RA aan heeft meegewerkt, mijn inmiddels bij BING gepensioneerde en dus voormalige collega-directeur. Hij heeft zich uitgeschreven als RA op zijn 65ste verjaardag.

Een bijkomend aspect is dat er naar onze mening op dit moment misbruik wordt gemaakt van het tuchtrecht voor accountants. Enkele betrokkenen die zich door onderzoeken van BING benadeeld voelen, hebben de handen ineengeslagen en gezien dat het tuchtrecht een gemakkelijke en goedkope manier is om BING aan te vallen. Soms direct, soms als alle andere rechtsmiddelen hebben gefaald. Waar de klager met een minimaal griffiebedrag zijn beklag kan doen, wordt BING vervolgens gedwongen om veel energie en geld te besteden aan de verdediging. Vaak wordt ook met hagel geschoten (dertig aantijgingen zijn in een klacht geen uitzondering) in de hoop dat er iets doel treft. Het gaat dan bijna altijd om procedurele en formele vermeende gebreken, niet om de vraag of betrokkene nu wel of niet integer heeft gehandeld.

Ik heb mijzelf als gezegd, medio 2013 uitgeschreven als RA. Waarom? Ten eerste omdat BING geen accountantskantoor is en ik mijn titel voor het werk bij BING niet nodig heb. Ten tweede omdat ik (nog) de enige RA was bij BING. Bij BING werken bestuurskundigen, juristen, oud-politiemensen en gedragswetenschappers, zoals sociologen, psychologen, bedrijfseconomen en criminologen. Ten derde omdat het nu geen verschil meer maakt welke BING-directeur eindverantwoordelijk is voor het onderzoek. In alle gevallen staan nu dezelfde klachtmogelijkheden open, waarover later meer. Gevolg: geen ongelijkheid meer voor betrokkenen of opdrachtgevers. Ten vierde om het concurrentienadeel weg te nemen ten opzichte van onderzoeksbureaus waar geen RA’s werken. Toen ik tien jaar geleden bij KPMG vertrok als een van de initiatiefnemers van BING, kreeg ik het advies van een collega om mij uit te laten schrijven. Hij begon voor zichzelf en schreef zich uit in de wetenschap dat de Accountantskamer zeer kritisch is op het werk van forensische accountants. De voorzitter van de Accountantskamer is daar ook tamelijk open over. Bij alle accountantskantoren met een forensische afdeling, zijn vroeg of laat wel RA’s tegen waarschuwingen of berispingen van de Accountantskamer aangelopen. Bij mij heeft het meer dan twintig jaar geduurd en kwam de eerste en enige waarschuwing vorige week, een jaar na uitschrijving. Mijn uitschrijving als RA staat dan ook los van deze waarschuwing. De Accountantskamer was in voornoemde zaak van oordeel dat BING/ik de kwade bedoelingen van degene die een brief heeft verspreid, niet onderzocht heeft/heb, nu een toelichting daaromtrent niet uit het rapport blijkt. Zijn bedoeling is echter wel onderzocht en het motief van de verspreider staat in het rapport genoemd. Maar dat terzijde; gelet op het onderwerp van deze blog, zal ik er hier niet verder op ingaan.

Als de regels voor accountants niet meer gelden, hoe weet u dan dat BING zorgvuldig en deskundig zijn werk doet? BING beschikt over een recherchevergunning van het ministerie van Veiligheid en Justitie en mitsdien geldt bij dergelijke onderzoeken de zogenaamde Privacygedragscode voor recherchebureaus. Daarin zijn voorschriften en zorgvuldigheidseisen ten aanzien van de werkwijze te vinden. Als ‘recherchebureau’ beschikt BING ook over een eigen klachtenregeling. Voor persoonsgerichte onderzoeken hanteren wij daarnaast onze ‘Richtlijn voor persoonsgericht onderzoek’. Hierin is onder meer het hoor en wederhoor benoemd. Ook schenken wij in onderzoeken extra aandacht aan de communicatie met de in het onderzoek betrokken of gehoorde personen, mondeling en schriftelijk. In het verleden is gebleken dat opdrachtgevers die communicatie niet altijd goed verzorgen. Wij nemen daarin dan ook meer de regie dan in onze beginjaren. Dit alles biedt dus in beginsel meer waarborgen dan een onderzoek door een bureau zonder vergunning of door een ad-hoconderzoekscommissie. Heeft iemand desondanks de wens om een onderzoek van BING aan de kaak te stellen, dan staan daar gebruikelijke juridische wegen voor open, zoals bijvoorbeeld een gang naar een civiele rechter.

‘Was het niet vervelend om jouw RA-titel op te geven, waar je jaren voor hebt gestudeerd?’ Ja en nee. Ja; als bewijs dat ik de opleiding 23 jaar geleden met goed gevolg heb afgerond, zou de titel handig zijn. Nu moet ik het doen met de vermelding op mijn cv dat ik het accountantsdiploma heb behaald. Nee; de titel gebruikte ik niet of nauwelijks meer. Op mijn kennis en ervaring is het kunnen voeren van de titel niet van invloed. Het is ook niet van invloed op de overtuiging om zorgvuldig, deskundig en bevlogen mijn werk te doen. De intrinsieke motivatie om goede kwaliteit te leveren, staat onveranderd hoog in het vaandel. In dat van BING en dat van mij persoonlijk.

Neem gerust contact op:

Naam: Peter Werkman
Functie: Directeur
Peter Werkman

Laat een reactie achter